Briksdalbreen

De Briksdalbreen is één van de gletsjertongen in het noorden van de Jostedalbreen en wellicht het meest gecommercialiseerde exemplaar. De gletsjer staat namelijk op het programma van heel wat cruises. De kleinere cruiseschepen leggen aan in Olden, vanwaar het maar een ritje van 25 kilometer is naar de gletsjer. De grotere leggen aan in de Geirangerfjord, vanwaar het zo'n 100 kilometer is tot aan Briksdal. Het gevolg is dat er telkens een colonne autobussen door de nauwe vallei trekken om de toeristen te droppen voor een blitzbezoek aan de Briksdalgletsjer. Als je het verkeerde moment treft, kan je er dus letterlijk over de koppen lopen.

Het loont niettemin de moeite, want je krijgt 2 bezienswaardigheden voor de prijs van 1. Op weg naar de watervallen passeer je immers de Kleivafossen

Vanuit Olden is het zo'n 24 kilometer tot aan de Briksdalbreen. In het begin zie je in de hoogte enkele kleinere gletsjers liggen. De Briksdalgletsjer komt pas in zicht na 10 kilometer, net nadat je een brugje hebt overgestoken. Je hebt constant de indruk dat hij te hoog ligt, dat je daar nooit kan bijgeraken.

Op het einde van de weg zijn er twee parkings. We rijden door tot de tweede parking. Je kan een parkeerticket (50 NOK) kopen aan de machine (wel muntjes nodig) of aan de kassa van het cafetaria erboven. In het cafetaria kan je tegen aanvaardbare prijzen, toch naar Noorse normen, een broodje of een dagschotel nuttigen.

Even hoger staan de 'treintjes' de toeristen op te wachten, om ze zonder inspanning (tot bijna) boven te brengen (kostprijs : 200 NOK). Als je kan kies je natuurlijk voor het wandelpad dat op dezelfde plaats vertrekt. Het brengt je in ongeveer 40 minuten tot aan de gletsjer. De lengte bedraagt ong. 2.5 km. Het pad stijgt zo'n 200 meter.

Halfweg de klim passeer je de Kleivafossen, waar je sowieso een douche krijgt van het opspattende water van de waterval. Als het wat kouder is, neem je dus best iets mee om je tegen de 'regen' te beschermen. Bij goed weer krijg je gegarandeerd regenbogen te zien in de waterval. Wij hebben het wat dat betreft minder getroffen en moeten het dus zonder doen.

Even verder kom je aan de stopplaats van de treintjes. Vandaaruit is het toch nog zo'n 600 meter stappen. De eerste 100 meter gaan bovendien vrij steil naar omhoog. Voor wie niet goed te been is, is het treintje dus niet echt een oplossing.

Boven kom je aan het gletsjermeer. Het uiteinde van de gletsjer ligt nog zo'n 100 meter hoger, maar daar kom je veiligheidshalve beter niet in de buurt.

De Briksdalbreen is in de laatste jaren gevoelig gekrompen. Onderweg kom je verschillende plaatsen tegen die aanduiden tot waar de gletsjer ooit kwam.

Kjenndalsbreen

In de buurt vind je ook nog een andere gletsjer die, wat ons betreft, meer spektakel biedt en in een uitzonderlijk mooie natuurlijke omgeving ligt. Er zijn bovendien veel minder toeristen, zodat je in alle rust van het schouwspel kan genieten.

De weg ernaartoe is wel iets moeilijker en smaller. Gelukkig is er weinig verkeer zodat het al bij al nog meevalt.
De weg start in Loen, aan het hotel Alexandra (er staan geen wegwijzers). Na enkele kilometer kom je aan het Lovatnet, een schilderachtig meer met prachtige uitzichten en enkele zeer mooi gelegen campings. Je rijdt zo'n 14 kilometer langs de oevers van het meer, tot in Bodal. Daar wordt de weg nog smaller. Hij loopt nu in de vallei, met beneden de rivier.

Een gedenkteken op de linkerkant (met stopplaats) leert dat deze vallei tweemaal geteisterd werd door een tsunami als gevolg van een aardverschuiving van de Rammelsgjell, de rots aan de overkant van de vallei. In 1906 en 1936 veegde zo'n tsunami letterlijk de boerderijtjes in de nabijliggende valleien weg, met tientallen doden als gevolg.

Even verder moet je betalen om verder te mogen. Geld in een enveloppe stoppen (de Noren rekenen op de eerlijkheid van de bezoekers). Er is ook een café-restaurant waar je iets kan eten. Je kan vandaaruit te voet gaan (nog zo'n 2.5 kilometer), maar wij volgen de weg met de wagen. De weg wordt na een tijdje onverhard. Je gaat door tot op een kleine parking (plaats voor enkele wagen). Vandaaruit loopt een smal pad nog zo'n 200 meter verder tot aan de voet van de gletsjer.

Als je rondkijkt zie je de gletsjer en verschillende watervallen in een groene vallei die volledig afgesloten lijkt. Het is voor ons, na een paar regendagen, de eerste gletsjer die we in de zon zien liggen. Als je de rust verkiest boven het toeristische gewoel is dit alvast een aanrader.