Allihies

Ring of Kerry

De rit rond het schiereiland Iveragh, ook de Ring of Kerry genoemd, is weliswaar de meest bekende maar zeker niet de mooiste route in het zuidwesten van Ierland.

De eigenlijke ‘Ring of Kerry” loopt over vrij grote wegen : de N70 langs de kust, de N71 en de N72 tussen Kenmare en Killorglin. Voor de bezienswaardigheden moet je op sommige plaatsen afwijken van de hoofdwegen. Op de route kom je constant autobussen tegen. Ze behoort dan ook tot het standaard programma van de meeste rondreizen door Ierland.

De WAW combineert de Ring of Kerry met de Ring of Skellig, in het uiterste westen. Die route van 30 km lang loopt van Waterville, over Ballinskellig, Portmagee en het eiland Valentia naar Knightstown. Op deze route is het minder druk dan op de Ring of Kerry. De landschappen en de uitzichten zijn er ook mooier.

Wie echt op avontuur wil, neemt de boot naar de Skellig Islands. Hou er wel rekening mee dat de zee zeer woelig kan zijn en dat de bootjes voor de overzet vrij klein zijn. Doe dit dus best bij goed weer. De foto van de Skellig Islands prijkt op de commerciële brochure van de Kerrygems. Zeer aantrekkelijk, maar een beetje misleidend als je weet dat slechts een kleine minderheid van de reizigers dit ook echt gaat doen.

Ons oordeel : de Ring of Kerry kan je gerust links laten liggen. Als je hem toch doet, neem er dan zeker de Skellig Ring bij.

Kenmare

Kenmare ligt aan het einde van de Kenmare Bay, een 50 km lange baai (eigenlijk de Kenmare Rivier) die begrensd wordt door het Beara schiereiland in het zuiden en het Iveragh schiereiland in het noorden. Als je uit het zuiden komt, rijd je over een dubbele ‘Art-Deco’ boogbrug het centrum in. Het is een levendig stadje met talrijke eetgelegenheden (inclusief livemuziek) en vele winkeltjes.

Het centrum wordt gevormd door twee straten : Main Street en Henry Street, waar heel wat souvenirwinkeltjes, bars en restaurants zijn. ’s Avonds heerst er een gezellige drukte.

Het Reenagross Park (Rinn na gCros) ligt aan de oevers van de Kenmare Bay, ten zuiden van Kenmare. Er zijn 3 km wandelpaden, waaronder een ‘bloementunnel’, gevormd door rododendrons, die vooral in april / mei spectaculaire beelden oplevert. De Druids Circle ligt vlakbij het centrum. Hij dateert van de vroege Bronstijd, ong. 2.000 voor Christus. Hij telt 15 stenen en heeft een diameter van 17 meter. In Emmet’s Place / Market Street, de straat die van het Town Park naar de Druids Circle loopt, staat een rij arbeidershuisjes uit de 19de eeuw. Hier leefden en werkten lederbewerkers, ijzersmeden en tingieters.

The Old Kenmare Road is een spectaculair wandelpad van 16 km lang en loopt van Kenmare tot aan de Torc waterval, even ten zuiden van Killarney. Een mooi verslag van deze wandelroute kan je vinden op de website : www.ditisierland.nl Vanaf Kenmare volgt de WAW de zuidkust van het schiereiland. Het gaat snel vooruit; de kusten zie je nauwelijks, voor je het weet ben in Sneem. We houden er even halt, maar buiten de kleurige huisjes (die we op de Beara Way al vele malen hebben gezien) kan het ons niet bekoren. We rijden dus verder.

 Kenmare
Kenmare

Staigue_Fort
Staigue Fort

Derrynane
Derrynane

Staigue Fort

In Castlecove, 13 km voorbij Sneem, ligt het Staigue Fort. Sla op de N70 rechtsaf aan het ‘Staigue Visitor Center’. Het visitor center is niet meer dan een café, waar je iets kan drinken en eten. Er hangen enkele infoborden over het Fort (de inkom is gratis). De Irish Coffee is er wel lekker.

Een smal baantje brengt je na 4 kilometer aan het Fort. Je kan enkel hopen dat het er niet te druk is, want er zijn maar weinig plaatsen waar je tegenliggers kan kruisen. Op het einde is een parking voor een 40 tal wagens. Staigue Fort is samen met Grianan Aileach in Donegal en Dun Aengus op de Aran eilanden één van de drie meest belangrijke stenen forten in Ierland. Het is zo goed als cirkelvormig (diameter tussen 27.13 en 26.82 meter) en wordt omgeven door een gracht. Het fort werd gebouwd zonder gebruik te maken van cement.

Binnenin bestaat het fort uit 10 secties met trappen die in X-vorm naar boven lopen. In de wanden zijn 2 ovalen kamers. Binnenin zijn geen stenen structuren. Er wordt verondersteld dat er houten huisjes instonden. Houten huizen waren in de ijzertijd een statussymbool voor de edelen, wat erop zou kunnen wijzen dat het de woning was van één van de lokale Chieftains, die behoefte had aan veiligheid.

Het dateert uit de Bronstijd (tussen 2.400 en 600 voor Christus). Over de precieze functie zijn er verschillende theorieën : een astronomisch observatorium (de ingang van het fort is naar het zuiden gericht), een woonplaats voor de edelen, een versterkte vesting, …

Je kan het fort vrij binnenwandelen. Aan de bezoekers wordt 1 EUR gevraagd, die je vrij kan deponeren in een kluisje.

Derrynane

Neem op de N70 links de afslag naar Derrynane House (1 – de nummers verwijzen naar het kaartje hieronder). Net voorbij de baai zie je links de Ogham Stone (5) staan, een oude menhir. Rijd nog even rechtdoor. Rechts (en ook links) zijn er vrij ruime parkings. Vandaar loop je 200 meter tot aan het Derrynane House.

Derrynane House is de thuishaven van de man die ‘The Emancipator’ wordt genoemd : Daniel O’Connell. Het verblijf ligt op een domein van 120 hectaren langs een schitterend stukje kust.

O’Connell verbleef lange tijd in het Derrynane House, dat hij erfde van zijn oom. Gezien het feit dat een reis naar Dublin in die tijd zo’n 5 dagen duurde toch wel merkwaardig voor een actief man als O’Connell.

Het huis kan bezocht worden. Er is een mooie film over O’Connell. Ze hebben ook handleidingen in het Nederlands.

De tuinen rond het huis zijn vrij toegankelijk. Je kan er ook twee mooie wandelingen maken of gewoon even gaan slenteren over de zandstranden langs de kust, die bezaaid liggen met grote rotsblokken en vanwaar je ook een zicht hebt op de ruïnes van de oude abdij.

Coomakista Pass

Ten noorden van Derrynane gaat de weg omhoog, over de Coomakista Pass, waar je kan genieten van schitterende uitzichten over de kust. Als het goed weer is tenminste, want toen wij er de eerste keer waren zagen we geen steek (ondanks het feit dat het in Derrynane nog vrij aangenaam weer was). Op de eerste stopplaats krioelde het er wel van de toeristen, vooral van de toerbussen, voor wie dit blijkbaar een verplichte stop is, weer of geen weer.

Bij ons tweede bezoek hadden we iets meer geluk. Enkele honderden meters voorbij de eerste stopplaats is op de linkerkant een ruime parking vanwaar je een uitzicht hebt naar zowel het noorden als het zuiden. Op de foto hieronder zie je, met enige goeie wil, de zandstranden nabij Derrynane House (links boven het midden).

Even verderop zie je langs de linkerkant het Loher Stone Fort, dat je via een wandelpad kan bereiken vanaf een kleine parking aan de kant van de weg. Dit fort werd recent gereconstrueerd. Het was oorspronkelijk een hoeve met een stenen wal van 2 meter hoog als bescherming.

Waterville

Een volgende stopplaats is Waterville, waar langs de zeezijde 2 standbeelden staan :

  • Charlie Chaplin, die 10 jaar lang zijn vakantie doorbracht met zijn gezin in het Butlers Arms Hotel.
  • Charlie O’Dwyer, de meest succesvolle manager in het Gaelic Football (het Ierse voetbal is een variant op het Engelse voetval).

Ook Generaal De Gaulle verbleef hier, maar voor hem was er geen standbeeld.

In Waterville heb je ook enkele pubs / restaurantjes om de honger te stillen en de dorst te lessen.

Je kan van hieruit rechtstreeks naar Cahirsiveen rijden, of een ommetje maken langs de Skellig Coast en Valentia. Dit is zeker wat wij aanbevelen. We wijden er zelfs een aparte pagina aan !

Cahirsiveen

Het meest opvallende gebouw van Cahirsiveen is een oud politiestation, dat je eerder doet denken aan een Beiers kasteel. Blijkbaar zouden de plannen in 1870 bedoeld zijn voor een politiestation in Indië en zouden ze ‘per ongeluk’ opgestuurd zijn naar Cahirsiveen, waar ze in het ontwerp geen graten zagen.

Glenbeigh

Sla op de N70 linksaf in Glenbeigh. Na het smalle bruggetje over de Caragh River sla je af naar rechts. Na een kilometer zie je rechts de parking aan het begin van de landtong.

De landtong heeft een zandstrand van 9 km lengte die uiteraard uitnodigt voor een wandeling. Op de punt van de landtong zie je aan de overkant de gouden Inch Beach, één van de mooiste zandstranden van het Dingle Peninsula.

Achter jou zie je de glooiende heuvels, die gevormd werden door de gletsjers gedurende de laatste ijstijd.

Bestel ons dossier