Barranco de la Aldea

Hoewel dit geen echte wandeling is, nemen we deze autorit toch op in deze categorie. De weg langs de GC 210 van Artenara naar San Nicolas de Tolentino is één van de minst bereden wegen op Gran Canaria. Op vele plaatsen is er slechts plaats voor één wagen. We hebben geluk : we hebben slechts 5 tegenliggers op de bijna 30 kilometer.

Aan Artenara en Tamadaba hebben we een aparte pagina gewijd. Vanaf Tamadaba volg je opnieuw de GC 210. Eens voorbij Acusa, ontplooit zich een schitterend landschap. Er is steeds minder begroeiïng, je komt hier terecht in een oud vulkanisch gebied.

Na een tiental kilometer kom je op het mooiste uitkijkpunt van het eiland : de Embalse de Parralillo. Het smaragd-groene stuwmeer strekt zich over enkele kilometers uit in de vallei. Stop bij de molen, het is de enige plaats waar je kan stoppen en vanwaar je een zicht hebt op het volledige meer. We moeten terugdenken aan de Lago Verde op Lanzarote, dat dezelfde groene kleur heeft. Allicht zijn ook hier de algen verantwoordelijk voor de specifieke kleur.

Embalse de Parralillo

Vervolg de weg naar beneden, het wordt nu steeds smaller. Aan de overzijde van het meer kan je na een kleine tunnel nog even stoppen aan de kant van de weg. Als je nu achterom kijkt, zie je de Baranco de la Aldea in zijn volle pracht. Bovenaan liggen de Roque Bentaiga en de Roque Nublo (die nog net te zien is rechtboven op de foto hieronder).

Baranco de la Aldea

Verder gaat het langs de stuwdam naar beneden. Ook aan de stuwdam is geen plaats om te parkeren, en wie dacht om een frisse duik te nemen in het water, komt alweer bedrogen uit. Nergens zijn de oevers bereikbaar.

Beneden wordt de vallei opnieuw groener. Het dal opent zich nu en in de vlakte onderaan wordt San Nicolas de Tolentino zichtbaar. Het stadje lijkt veel groter dan het in feite is, vanwege de vele 'serres' (zonder glas, enkel met doeken). Je komt nog langs een aantal bananenplantages, de enige die we op het eiland hebben aangetroffen.

Zicht op San Nicolas